Ethan de Graaf
student Medisch Technicus / Deltion College in Zwolle
‘Ik houd van knutselen en bezig zijn met techniek. De computer waar ik nu achter zit, heb ik bijvoorbeeld zelf in elkaar gezet. En voor mijn profielwerkstuk op de havo heb ik een robotarm gebouwd die ik via elektromyografie met mijn eigen arm kon bedienen. Bionica is mijn grote droom. Na mijn havo heb ik twee jaar hbo Mechatronica gedaan. Dat is een heel brede opleiding met elektrotechniek, werktuigbouwkunde, informatica en robotica. Maar dat was iets te theoretisch voor mij. Ik miste het werken met mijn handen en ook de link met de medische wereld.
In de zoektocht naar wat dan wel, zag mijn vader deze nieuwe opleiding op de site van Deltion College. Ik heb mij in de opleiding verdiept en ik heb mij toen eigenlijk blind aangemeld. Wat ik las, sprak me erg aan. Ik ben in het tweede jaar ingestroomd. Eigenlijk alsnog een vliegende start. Als je techniek leuk vindt, kan je natuurlijk op veel plekken terecht, maar ik vind de apparatuur in het ziekenhuis echt indrukwekkend. Bovendien raakt het aan mijn interesse voor protheses en bionica.’
Gaan voor wat je blij maakt
‘Het is niet altijd makkelijk om de juiste studie te kiezen. Ik kan iedereen aanraden om iets te kiezen waar je echt blij van wordt. Het is natuurlijk goed om rekening te houden met je toekomstmogelijkheden, maar ga iets studeren waar je plezier aan beleeft. En verken daarbinnen wat de opties zijn. Zelf wist ik al heel jong dat techniek mijn passie is en ik heb ontdekt dat de medische techniek mijn voorkeur heeft.
zelf wist ik al heel jong dat techniek mijn passie is
Het lijkt logisch om na je havo een hbo-opleiding te doen, maar dat hoeft niet per se de beste keus te zijn. Een mbo-opleiding kan echt beter passen en voor meer plezier zorgen.
Sommige theoretische vakken zijn voor mij aan de eenvoudige kant, maar de projecten die ik moet doen, zijn zeker uitdagend. En ik vind het dus zo leuk, dat ik er thuis in de avonduren ook gewoon nog mee bezig ben. Voor mij is niets een moetje.’
In de praktijk
‘Ik heb al twee keer stagegelopen. Mijn eerste stage duurde drie maanden was bij een groot particulier bedrijf in Almelo. Zij hebben thuisbeademingsapparatuur van een aantal ziekenhuizen in onderhoud en ze verzorgen voor veel verzorgingstehuizen het onderhoud van de apparatuur, zoals de bloeddrukmeters. In die korte tijd leer je veel, maar ook nog niet zoveel dat je zelfstandig op pad kan. Maar ik heb het goed naar mijn zin gehad en met leuke mensen samengewerkt.

Mijn tweede stage van zes maanden was bij de medische technische dienst van Ziekenhuisgroep Twente (ZGT). Ik heb in Almelo en Hengelo meegedraaid met het onderhouden van de beademingstoestellen en de apparatuur op de Anesthesie. En met het onderhoud van generieke apparatuur, zoals spuit- en infuuspompen. In mijn aankomende vierde en laatste jaar ga ik nog een keer stage lopen. Ik hoop dat ik terechtkan bij het Medisch Spectrum Twente, dat zou mooi zijn.’
Praatje bij het apparaat
‘In eerste instantie zie ik mezelf wel bij een ziekenhuis werken. Als een apparaat niet goed functioneert of het helemaal niet meer doet, vind ik het leuk om uit te zoeken hoe ik het weer kan repareren. Je wilt ook dat een apparaat het zo snel mogelijk weer doet, maar je kunt niets garanderen. Ik kom de apparatuur als het kan graag persoonlijk halen en brengen, dan heeft de verpleging ook een gezicht bij de medisch technische dienst . En ik vind het leuk om uit te leggen wat er aan de hand was en hoe het apparaat in elkaar steekt. Zo bouw je ook een band op met de verpleegkundigen. Als je elkaar kent, zijn de lijntjes kort en dat werkt prettig.’
Pionieren
‘Deze opleiding is heel nieuw. Wij zijn met z’n vijven in mijn jaar en wij zijn straks de eerste lichting die afstudeert. Omdat de klassen zo klein zijn, krijg je echt persoonlijk onderwijs. We kennen elkaar allemaal. En er is ruimte voor feedback naar de opleiding. Soms moeten we samen ergens een mouw aanpassen. Voor mijn tweede stage moest ik bijvoorbeeld volgens de bestaande leerdoelen iets bouwen. We maken onderdeel uit van Technicus Engineering, met de afsplitsing Smart Technology en in het vierde jaar de medische techniek.

Maar op mijn stage bouwde ik niets, ik hield me bezig met onderhoud. Toen heb ik het onderhoudstraject de defibrillatoren van het ziekenhuis helemaal in kaart gebracht. Het beschrijven van de onderhoudscyclus is natuurlijk ook iets maken, alleen digitaal en niet fysiek. Het was erg leerzaam om het hele traject te beschrijven.’
Doorleren
‘MTA – de opleiding die je nodig hebt om als medisch technicus bij een ziekenhuis te kunnen werken – zit in het laatste jaar van deze opleiding. Als ik straks klaar ben met school heb ik eigenlijk twee diploma’s en ben ik 23.
het is belangrijk om mensen te interesseren voor deze studie en het vak
Dan heb ik nog alle tijd om door te leren als ik dat zou willen. Aan een hbo, bijvoorbeeld Biomechanical Engineering. Of bij de afdeling Medische Techniek, want binnen een ziekenhuis zijn er veel doorgroeimogelijkheden. Bijvoorbeeld expert worden in een aandachtsgebied. Maar er zijn ook veel mooie banen bij de fabrikanten van medische apparatuur, zoals Philips of Siemens. Je kunt ontzettend veel kanten uit.’
Nieuwe aanwas
‘Er is best wat vergrijzing bij de medische techniek, dus het is belangrijk om mensen te interesseren voor deze studie en het vak. Er zijn voor komend jaar al twaalf studenten die interesse hebben in onze opleiding. Het gaat hier de goede kant op.
Als ik aan leeftijdsgenoten uitleg wat ik doe, denken ze soms dat wij ook lampen vervangen en de automatische deuren repareren. Dan leg ik uit dat de Technische Dienst zich met die dingen bezighoudt en wij met medische apparatuur. Er mag nog wel wat meer aandacht komen voor ons vak en de opleiding. Via voorlichting en opendagen en ook online. Ik vind ons vak het interessantste dat er is.’
Meer weten? Bekijk de opleiding Technicus Engineering / Medisch Technicus | Deltion College
De VZI besteedde eerder al aandacht aan de opleiding, die informatie vind je hier.
(2026-08 | Interview: Floor Gerritsma | Fotografie: Jan Willem de Venster)

